De overloper

Overlopen naar degene die je roept zonder gepakt te worden.

De leerlingen staan in tweetallen met hun ruggen tegen elkaar. Er is 1 leerling die staat alleen.

De leerling die alleen staat noemt een naam van een andere leerling. Die leerling reageert zo snel mogelijk door met zijn rug tegen de rug te gaan staan van degene die alleen stond. De ander van het tweetal probeert dit te voorkomen door voordat de ruggen tegen elkaar staan, de leerling die geroepen is te pakken bij de middel.

  • In tweetallen met ruggen tegen elkaar staan, 1 leerling staat alleen
  • Als je naam genoemd wordt, zo snel mogelijk reageren door te rennen naar degene die jou naam noemt.
  • Wordt jouw tweetal genoemd probeer je hem tegen te houden door zijn middel te pakken.
  • Sta je (nog) alleen dan mag jij een naam noemen.

Speleigenschappen

Reacties